– Aisha Bah-

Elke keer als ik bij de Burbage Nursery School aankwam, zat er een klein meisje in de deuropening van de buur-compound. Na een tijdje begon ze verlegen te zwaaien, daarna steeds een stapje verder maar ze bleef erg gesloten en wantrouwig. Op een dag in april 2017 liep ik naar het meisje toe en gaf haar de Barbie die ik toevallig bij me had. Ze keek me een beetje boos aan en rende er mee naar haar moeder. De moeder had hetzelfde karakter, het duurde een hele tijd voordat ze ├╝berhaupt naar me lachte. Zij bekeek alles zwijgend van een afstandje.

In mei besloten we om voor Aisha een sponsorouder te zoeken zodat het gezin wat ondersteuning zou krijgen en ze naar school mocht, net zoals alle kinderen die ze elke dag voorbij zag lopen. Jessica en haar moeder waren meteen dol op haar en in een paar jaar tijd zagen we dit schuchtere meisje veranderen in een vrolijke, zelfverzekerde 7 jarige. Ook haar moeder bleek een hele lieve, zorgzame vrouw te zijn die me uiteindelijk in haar hart sloot. Elke keer als ik haar iets mocht geven namens haar sponsors kwam ze me dankbaar een knuffel geven. Ze had geen makkelijk leven begreep ik later, zowel haar man als haar zoon zijn albino en vorig jaar verloor ze plotseling haar baby dochtertje door ziekte.

Deze week kwam Buba met het bericht dat ze eind februari samen met Aisha huilend was komen vertellen dat ze weggingen uit Gambia. De vader had tegen hun zin in besloten om zijn geluk in de buurt van Mali te gaan zoeken en zij moesten mee. Afscheid nemen kon ik niet meer.. Ze waren al weg. Iedereen was verdrietig door dit nieuws, de kinderen op school, de docenten, Jessica en haar moeder en natuurlijk wij ook. De toekomst van Aisha is door deze beslissing in 1 klap veranderd van geweldige kans op onderwijs naar totale onzekerheid. Alle vertrouwen in 1x weg door de beslissing van vader. We hopen dat ze ondanks alles nog iets op kunnen bouwen op hun nieuwe plek en bedanken Jessica en haar moeder voor alle steun de afgelopen jaren. Heel verdrietig dat het soms zo moet lopen ­čží